strookbalk2

Gezond ouder worden

Wie en wat is er nodig om zo lang mogelijk thuis te kunnen blijven wonen op een manier die het best binnen de Molukse gemeenschap past

Het was een koude dag met hier en daar sneeuw en zeker binnen de bebouwde kom nog gladde wegen. En toch stroomde de Molukse kerk Rehoboth in Assen op 31 januari jl. vol. De gemeente Assen en Zorgaanbieder Interzorg hebben het mogelijk gemaakt dat dit jaar een project van start gaat waarin we uitgebreid met Molukse ouderen in gesprek kunnen gaan over de vraag hoe zij zo gezond mogelijk oud willen worden. Vanzelfsprekend worden de mensen en de organisaties die zij belangrijk vinden in hun nabije omgeving hier ook bij betrokken. De vrijwilligersgroepen van de informele dagopvang Daun Pisang en van de Molukse afdeling Bunga Tjenke in de Slingeborgh, gaan dit project uitvoeren in samenwerking met de Moluks Evangelische Kerk Rehoboth in Assen en de Landelijke Stichting Molukse Ouderen. Eind vorig jaar vond al een kleine aftrap plaats in de woonkamer van Bunga Tjenke op de Slingeborgh. Janine Rinsampessy, beleidsadviseur Gemeente Assen, was hierbij aanwezig, evenals Arien Beelen, zorgmanager Slingeborgh. De bewoners van Bunga Tjenke en hun vrijwilligers werden toen al op de hoogte gebracht van dit project.

Aftrap project bij Bunga Tjenke, Assen december 2018

Zorgen voor, hoef je niet alleen te doen.

Na het welkomstwoord met gebed van Wim Hehanussa, namens de Kerkenraad van de Moluks Evangelische kerk in Assen, volgde een korte overdenking van de voorzitter van Classis Noord van de Molukse Evangelische kerk, ds. Theo Pattinasarany. ‘Zorgen voor, hoef je niet alleen te doen en daarvoor zitten wij hier nu bijeen’, was de kern van zijn verhaal. Vanuit Classis Noord is er belangstelling om samen te werken aan de uitbreiding van dit project in andere Molukse gemeenten in de regio. Uit Groningen waren dan ook vertegenwoordigers van Molukse ouderen aanwezig om mee te luisteren. Een vervolgafspraak met hen is in de maak.

Ds. Pattinasarany opent de bijeenkomst.

In een inleiding vertelt Crams Nikijuluw, bestuurder van LSMO, kort over de ontwikkelingen in de Molukse gemeenschap als het om ouderen gaat.  De eerste generatie is ons bijna geheel ontvallen, maar onder de tweede generatie tellen we 80-ers en 70 plussers. Hoe zouden zij oud willen worden? 65 laat staan 55 jaar wordt over het algemeen onder Molukkers nog niet als oud ervaren. Maar zijn er geen aandachtspunten waar op die leeftijd al wel over nagedacht moet worden, over gesproken moet worden? Het zorgstelsel in Nederland is niet altijd eenvoudig te volgen, verschillende zorgwetten faciliteren verschillende zorgvragen, vervolgt Jeanny Vreeswijk-Manusiwa van LSMO. Zij geeft aan dat door tijdig met elkaar in gesprek te gaan over hoe je oud zou willen worden, gezamenlijk naar oplossingen gezocht kan worden. Dat hoe vaker je met elkaar in contact kan zijn over verschillende onderwerpen, signalen eerder opgepakt kunnen worden. Zo voorkomen we schrijnende gevallen, die hopelijk incidenteel zijn. Het doel van de avond was om met elkaar in gesprek te gaan over wat er nodig is om zo lang mogelijk  thuis te blijven wonen.

Tijdens een warme maaltijd, verzorgt door de vrijwilligers en ouderen van de dagopvang Daun Pisang, kon iedereen alvast over de vraag nadenken. Verdeeld over acht dialoogtafels werd verder gepraat aan de hand van de volgende vragen:

Intussen was de nieuwe directeur van de Slingeborgh, Irma Kits, aangeschoven. Zij nam na kennismaking deel aan een van de tafelgesprekken. Haar collega Rolinka Hup, manager passende dagbesteding, was de hele avond al aanwezig en was inmiddels diep in gesprek met de mensen aan haar tafel.

Tafelgesprekken over gezond ouder worden

Vooral gezond leven is belangrijk.

Na een klein uur werden de belangrijkste bevindingen opgehaald. Bijzonder was het om ongeveer 50 mensen zo intensief met elkaar in gesprek te zien over hun wensen voor hun eigen oude dag. Het geeft de organisatoren beslist een vereerd gevoel om samen met de ouderen te bekijken in hoeverre aan de wensen gehoor gegeven kan worden. Sommige wensen zijn wellicht eenvoudig te realiseren, zoals het aanmaken van een groepsapp voor alleenstaanden. Het opzetten van een ‘boodschappen- of tuingroep’, misschien als maatschappelijke stage onderdeel voor catechisanten, zou een concreet samenwerkingstraject met de kerk kunnen zijn. In veel groepen werd genoemd het inrichten van een sociaal vangnet en meer ontmoetingsmomenten. Zeker als er geen kinderen (in de buurt) zijn, is het belangrijk om te weten op wie je een beroep kunt doen. Maar ook opleiding en training bijvoorbeeld in communicatie in familieverband. Er is behoefte aan een vraagbaak, een centraal meldpunt voor praktische vragen. Hierin zou de gemeente een rol kunnen spelen. Hoe toegankelijk zijn de zorg en welzijnloketten op dit moment en wat missen de Molukse ouderen nog aan informatie hierover. Een wens dat meerdere partners vereist, is de wens om een woonvoorziening voor Molukse 55plussers, voorzien van allerlei zorgvoorzieningen, te realiseren. Ook is er behoefte aan voorlichting en informatie over palliatieve zorg, over hoe het er aan toe gaat in een hospice, maar ook over mentorschap en over hoe om te gaan met dementie.

In de groepen is ook gesproken over de eigen verantwoordelijkheid. Aandacht voor gezond leven, in beweging blijven en gezonde voeding is genoemd. Naar elkaar omkijken, vasthouden aan het geloof, dingen bespreekbaar maken en een beroep doen op het Molukse vangnet, waren uitspraken die in verschillende groepen terugkwamen. De kerk, de PIKIM (Molukse Christelijke Vrouwenorganisatie), familie in kumpulan en pela verband (verwantschapsrelaties), buren en vrijwilligers van Daun Pisang, maar ook instanties als het Wmo-loket worden als belangrijk ervaren.

Positieve gezondheid en vervolg stappen.

Aandacht voor gezond leven, voor wat je zelf kunt doen om gezond oud te worden, sluit aan op het concept positieve gezondheid van Machteld Huber, dat in 2012 in Nederland werd geïntroduceerd. In dit concept wordt gezondheid niet meer gezien als de af- of aanwezigheid van ziekte, maar als het vermogen van mensen om met de fysieke, emotionele en sociale levensuitdagingen om te gaan en zoveel mogelijk eigen regie te voeren. In deze visie is gezondheid niet langer meer strikt het domein van de zorgprofessionals, maar van ons allemaal. Het gaat immers om het vermogen om met veranderende omstandigheden om te kunnen gaan.  (Bron, http://www.allesisgezondheid.nl/content/positieve-gezondheid)

Huber onderscheidt in haar concept zes gezondheidsdimensies:

  • lichaamsfuncties: medische feiten, medische waarnemingen, fysiek functioneren, klachten en pijn, energie
  • mentale functies en -beleving: cognitief functioneren, emotionele toestand, eigenwaarde/zelfrespect, gevoel controle te hebben, zelfmanagement en eigen regie, veerkracht
  • spiritueel/existentiële dimensie: zingeving, doelen/idealen nastreven, toekomstperspectief, acceptatie
  • kwaliteit van leven: kwaliteit van leven/welbevinden, geluk beleven, genieten, ervaren gezondheid, lekker in je vel zitten, levenslust, balans
  • sociaal maatschappelijke participatie: sociale en communicatieve vaardigheden, betekenisvolle relaties, sociale contacten, geaccepteerd worden, maatschappelijke betrokkenheid, betekenisvol werk
  • dagelijks functioneren: basis Algemeen Dagelijkse Levensverrichtingen (ADL), instrumentele ADL, werkvermogen.

Vervolgstappen in het project:

Het inventariseren van wensen en mogelijkheden die ouderen zelf in de hand hebben, al dan niet uitgaande van de zes gezondheidsdimensies  kunnen we op verschillende manieren uitvoeren:

  • Inventariseren van wensen door avonden of huisbezoeken te organiseren
  • Organiseren van voorlichtingsbijeenkomsten waarbij gastsprekers uitgenodigd worden als de huisarts, apotheker, wijkverpleegkundige etc.
  • Scholen van vrijwilligers (bijvoorbeeld over zorgwetten, dementie, palliatieve zorg, digitalisering, financieel misbruik, sociaal vitaal, afleggen van huisbezoeken)
  • Uitvoeren van Sociaal Vitaal. Een beweegprogramma met aandacht voor sociale vaardigheden en weerbaarheid van ouderen. Dit programma kan in samenwerking met Stichting Galm uitgevoerd worden. In 2017/2018 is het programma met succes bij de Molukse ouderen in Hoogeveen, Moordrecht en Breda uitgevoerd.

Uiteraard houden we u op de hoogte van de ontwikkelingen binnen dit project in de hoop dat het ook in andere plaatsen met en voor Molukse ouderen uitgevoerd kan worden.

Gesprekstafels in Hoogeveen en Deventer

Een maand later kwam wethouder Erwin Slomp met zijn beleidsambtenaren op bezoek bij Molukse en Indische ouderen in Hoogeveen. Tijdens een lunch en een rondleiding in het gebouw van Stichting Salawaku, waar veel activiteiten voor de ouderen worden georganiseerd, lieten de ouderen weten dat het gebouw eigenlijk niet meer veilig was. De deuren zijn te zwaar, de gang te smal voor rollator en rolstoel en de keuken is te klein voor de vele kookactiviteiten die er plaatsvinden. Wethouder Slomp opperde het idee om ook de raadsleden hierover te spreken.

Wethouder Slomp in de keuken van Salawaku

Tijdens de gesprekstafels over gezond ouder worden in Hoogeveen, verzamelden de ouderen twee dagen na het bezoek van de wethouder hun wensen. Het idee ontstond om de Raadsleden uit te nodigen voor een kennismakingsbezoek. Een etentje zou leuk zijn, zoiets als Moluks tafelen met de Raad in Hoogeveen. Het diner vond plaats op vrijdag 5 april jl. Raadsleden van Gemeentebelangen Hoogeveen e.o., CDA, ChristenUnie, PvdA, D66, Groen Links en SGP waren aanwezig. De Hoogeveensche Courant kopte ‘Gemeenteraad is onder de indruk van Salawaku’. Vooraf aan het diner werd een korte film getoond over het dagelijkse leven op de Molukken van voor de Tweede Wereld oorlog. Een terugblik om even weer een stukje Molukse geschiedenis terug te halen.  Saamhorigheid viel op, reageerde één van de raadsleden. Het is belangrijk dat we elkaar leren kennen, zei weer een ander. Na afloop bedankten de raadsleden voor de waardevolle uitnodiging en natuurlijk voor de heerlijke maaltijd, met dank aan de vrijwilligers van de Salawaku ouderengroep. Ook de raad had nu gezien in welke staat het gebouw van Salawaku verkeert. Binnenkort volgen de eerste vervolggesprekken over de mogelijkheden van activiteiten in en aanpassingen aan het gebouw.

Ook in Deventer is met Molukse ouderen in het gebouw van Stichting Masohi van gedachten gewisseld over gezond ouder worden. Vooral ouderen van de tweede generatie bezochten deze bijeenkomst. (In Assen en Hoogeveen was dit overigens ook het geval). De tafelgesprekken werden hier gehouden aan de hand van de vragen die geformuleerd zijn door NUZO (Netwerk Utrecht Zorg Ouderen) in samenwerking met het Netwerk van organisaties van Oudere Migranten (NOOM). Deze vragen zijn samengevat in de brochure Is alles besproken voor Nu, Zo en Later?  De volgende activiteit die de ouderengroep in Deventer organiseert zal gaan over dementie en de zorg die daarbij nodig is.

Tafelgesprekken in Deventer

Terwijl LSMO overal in het land voorlichting- en gespreksrondes plant en organiseert, zijn er ook gesprekken over het starten van nieuwe projecten of het voortzetten van lopende activiteiten. Zo is bijvoorbeeld in Zuidplas gesproken met wethouder Daan de Haas over voortzetting van Sociaal Vitaal in Kleur.  Of wordt in Lunteren, waar de ouderengroep subsidie heeft ontvangen van het Oranjefonds, de inhoud van een nieuw scholingsprogramma in samenwerking met LSMO besproken.

LSMO voorlichtingsmateriaal

Op 11 mei as. organiseert LSMO een landelijke studiedag in Het Baken te Woerden. Centraal staat die dag het thema wonen en buurtinitiatieven. Momenteel zijn de ministeries van Binnenlandse Zaken en van VWS in gesprek over en op zoek naar voorbeelden van woonvoorzieningen die het mogelijk maken dat ouderen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen.  Welke mogelijkheden zijn er om Molukse wijken seniorvriendelijk en wellicht dementievriendelijk te maken? Over deze vraag, de voortzetting van Sociaal Vitaal in Kleur en nog meer actuele zaken rondom zorg en welzijn zal de komende studiedag gaan.