• Ouderennota van het Landelijk Overleg Minderheden: “Wij komen er aan….”
  • Brochure: “Zorg op maat voor Molukse ouderen, achtergronden en voorbeeldprojecten”
  • Videofilm, een handleiding over Molukse ouderen :”Masa Depan” (de toekomst)

 

Reactie LSMO op de discussie omtrent het herdenken van 70 jaar Molukkers in Nederland

De Landelijke Stichting Molukse Ouderen is een netwerkorganisatie waarin een klein team van bestuurders en ondersteuners met ervaring in zorg en welzijn op vrijwillige basis de belangen behartigt van ca.15.000 Molukse 65 plussers. Twaalf regiocoördinatoren versterken de verbinding met ruim 300 inspirerende, enthousiaste en zeer loyale vrijwilligers die, verspreid over 40 werkgroepen in het land, zich inzetten voor en met Molukse ouderen ter verbetering van hun zorg en welzijn. Dit doen zij in samenwerking met een breed scala van locale Molukse zelforganisaties, waardoor een breed netwerk binnen de Molukse gemeenschap is ontstaan. LSMO wordt tevens bijgestaan door een Raad van Molukse Ouderen, die allen in hun werkzame leven, professioneel actief waren binnen de Molukse gemeenschap en dat nog steeds zijn. En naast de samenwerking binnen de Molukse gemeenschap werkt LSMO uiteraard ook samen met verschillende politieke en maatschappelijke organisaties. Dit jaar zal LSMO stilstaan bij haar werkzaamheden gedurende de afgelopen 25 jaar. Een mijlpaal, vooral omdat de werkzaamheden op eigen kracht, zonder structurele subsidie wordt uitgevoerd.

Niet alleen vanwege de berichten op social media, maar ook vanwege de inbedding van LSMO binnen de Molukse gemeenschap is ons de commotie rondom de herdenking die op 7 oktober as. aan de Lloydkade in Rotterdam zou plaatsvinden, uiteraard niet ontgaan. Alvorens wij met een reactie naar buiten traden, hebben we eerst geluisterd naar de verschillende meningen binnen de gemeenschap. De volgende samenvatting hebben we van de bevindingen gemaakt.

De eerste generatie Molukse ouderen die tussen de 25 en 30 jaar oud was bij aankomst in 1951, die generatie is er bijna niet meer. Wanneer we het tegenwoordig over Molukse ouderen hebben, hebben we het meestal over de ouderen die als kind of jong volwassene naar Nederland kwamen. Deze ouderen hebben veel meegemaakt, maar hebben bijvoorbeeld niet in het KNIL gediend. Zij hebben echter wel hun eigen (oorlogs)ervaringen, die zij geprojecteerd kunnen hebben in de opvoeding van hun kinderen. Deze kinderen behoren tot de tweede of derde generatie, hebben zelf geen migratie of oorlogservaringen maar mogelijk wel de gevolgen ervan meegemaakt, namelijk de wijze waarop ze zijn opgevoed en opgegroeid. Van de volgende generaties zou je kunnen zeggen dat zij alleen de verhalen kennen en niets van het pijnlijke verleden hebben meegekregen. De verhalen gaan echter wel over hun grootouders en overgrootouders. In hun familienamen klinkt hun familiegeschiedenis en hun dorp van herkomst door. De geschiedenis, dat wat ze geleerd is door ouderen, ingebed in culturele waarden en normen ‘Ale rasa, Beta rasa’, wat jij voelt, voel ik ook, zijn elementen die deel uitmaken van hun identiteit. Uit het verleden putten zij de kracht om, waar ze zich ook bevinden, hun plek te vinden in de samenleving.

En juist omdat de historie, de verwantschapsrelaties, gebaseerd op kennis die de Molukse ouderen uit hun land van herkomst hebben meegenomen, en overgedragen aan hun nazaten, de basis vormen van de Molukse gemeenschap, is het zo van groot belang om met deze gemeenschap te delen hoe en wanneer grote evenementen plaats kunnen vinden, die hen raken. Persoonlijke ontwikkeling moet altijd de ruimte krijgen, uiteraard. Echter in relatie tot de ander, en die ander kan een vriend, een buur, een hele familie of een hele gemeenschap zijn. Pas dan komt die ontwikkeling, zeker in de Molukse gemeenschap, het beste tot zijn recht.

LSMO betreurt de wijze waarop vrij laat is gebleken hoe de herdenking aan de Lloydkade is georganiseerd, maar betreurt ook uitspraken in de media die verwijzen naar wat Molukse ouderen zouden denken of vinden over wat de afgelopen maanden is gebeurd. We hebben de afgelopen 25 jaar 100den ouderen gesproken en tal van bijeenkomsten met ouderen georganiseerd en bijgewoond. Vaker hoorden we ze de hoop uitspreken om ooit terug te keren naar Maluku, het liefst een vrij Maluku, maar ook over de hoop dat hun kinderen en kleinkinderen goed terecht zouden komen. Opdat zij niet voor niets naar Nederland zijn gekomen. Eerlijk gezegd kwam het woord excuses amper voor.

LSMO pleit voor verbinding tussen generaties, tussen organisaties en mensen die affiniteit hebben met Molukkers en met dat wat voor hen van belang is. Zoals hun geschiedenis, hun relatie met de Molukken, hun verwantschapsstructuren en de culturele waarden en normen. Het zijn deze elementen die zwaar wegen binnen de Molukse gemeenschap. Een Molukse oudere zij eens tijdens een bijeenkomst waar ook hoge ambtenaren aanwezig waren: ‘Als u met Molukkers praat, neem ze serieus, want ze hebben veel meegemaakt’. Die uitspraak neemt LSMO over, of het nu over ouderen of jongeren gaat.